Rechtbank gebruikt oud wetboek

Op 29 januari 2019 deed de rechtbank Midden-Nederland een wel heel merkwaardige uitspraak. De bestuursrechter en de griffier hadden namelijk niet in de gaten dat sinds 1 oktober 2016 de zogeheten Wet dwangsom bij de laat beslissen niet meer gold voor zaken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De standaard dwangsom die de overheid kwijt is als zij te laat beslist, geldt daarom niet meer als de overheid te laat reageert op een Wob-verzoek. Toch veroordeelt de rechter de minister van Infrastructuur en Waterstaat om in dit geval aan de verzoeker, AVROTROS, 1260,- euro te betalen.

Hoe kon dit gebeuren? De griffier blijkt een student HBO rechten te zijn, die als administratief medewerker op de rechtbank werkt. De rechter op de zaak is een onervaren rechter, waarvan we niet weten of die wel verstand heeft van het bestuursrecht. In dit geval is er geen zitting geweest en volgens onderzoek blijkt dat in dat soort ‘bulkzaken’ de griffier de zaak geheel zelfstandig afhandelt. Je mag dan hopen dat de rechter er nog naar kijkt, maar in dit geval is dat ofwel niet gebeurd, ofwel de rechter wist zelf niet wat er in de wet stond.

Dit soort fouten zouden niet mogen gebeuren, ook al is in dit geval gelukkig geen burger de dupe ervan. Een goed werkend digitaal informatiesysteem, waaronder automatische toegang tot de meest actuele wetteksten en relevante juridische informatie, in combinatie met voldoende geschoolde griffiers en rechters kan dit oplossen. Investeren in de voorkant voorkomt schade aan de achterkant, met nodeloze verzetsprocedures, hoger beroepen en veel hogere kosten tot gevolg.

De uitspraak is wijselijk niet gepubliceerd. Het zaaknummer is UTR 18/4825.